Summary

Inleiding

Grote porties leiden tot een verhoogde energie-inname en worden gezien als een belangrijke factor in het ontstaan van overgewicht. Het doel van dit onderzoek was om een gewichtsmanagementprogramma gericht op portiegrootte te ontwikkelen en te evalueren.

Methode

Volwassenen met overgewicht of obesitas namen deel aan een gerandomiseerd en gecontroleerd onderzoek (interventiegroep n=139, controlegroep n=139). De interventiegroep ontving het programma gedurende drie maanden. Deelnemers in de controlegroep gingen door met wat zij normaal gesproken deden. De uitkomstmaten waren BMI en zelfgerapporteerd gebruik van portiecontrolestrategieën om grip op porties te houden, gemeten op baseline en na drie, zes en twaalf maanden.

Resultaten

De interventiegroep had na drie maanden een significant sterkere afname van 0,45 BMI punt (95%BI=-0,88 tot -0,04) vergeleken met de controlegroep. Daarbij nam hun gemiddelde gebruik van de portiecontrolestrategieën (B=0,33, 95%BI 0,23-0,43) en het percentage intensief gebruikte strategieën significant toe (B=10,7%, 95%BI 6,9-14,4%) in vergelijking met de controlegroep. Het verschil in gewichtsverlies tussen de groepen was nagenoeg verdwenen na zes maanden (B=-0,13, 95%BI -0,67 tot 0,37) en twaalf maanden (B=-0,03, 95%BI -0,53 tot 0,47).

Conclusie

De interventie is effectief om gewichtsverlies te initiëren. Er is echter meer onderzoek nodig naar de effectiviteit van een uitgebreider programma op gewichtsverlies op de lange termijn. Dit kan bijvoorbeeld door meer terugvalpreventiestrategieën in te passen, de interventieduur te verlengen of de interventie in te bedden in de dieetbehandeling.

Log in

INLEIDING

De afgelopen decennia steeg het aantal mensen met overgewicht en obesitas sterk. In 2014 had 48% van de Nederlandse bevolking overgewicht.1 Een positieve energiebalans wordt gezien als de belangrijkste oorzaak van het ontstaan van overgewicht en obesitas. Grote porties (calorierijk) voedsel spelen hierin een belangrijke rol.2 De afgelopen jaren zijn de aangeboden porties van (calorierijk) eten en drinken steeds groter geworden.3 Dat geldt voor fastfood, maaltijden en snacks, maar ook voor de porties en verpakkingen van alledaagse producten (zoals voorgesneden plakken kaas en de pot pindakaas). Deze groter wordende porties zorgen ervoor dat de perceptie over een ‘normale portie’ is veranderd.4In de jaren ’80 werd een portie jus d’orange van 190 ml bijvoorbeeld als ‘normaal’ beschouwd, begin jaren ’00 was dat 272 ml.4 Naast de invloed van de toegenomen porties op de perceptie over de norm, consumeren mensen van een grotere portie onbewust…

dr. Maartje Poelman, Afd. Sociale Geografie en Planologie, Universiteit Utrecht, en Afdeling Gezondheidswetenschappen, VU Amsterdam dr. Emely de Vet, Dep. Sociale Wetenschappen, leerstoelgroep Strategische Communicatie, WUR Elizabeth Velema, MSc, Afdeling Gezondheidswetenschappen, VU Amsterdam dr. Michiel de Boer, prof. dr. ir. Jacob Seidell, prof. dr. Ingrid Steenhuis. Allen afdeling Gezondheidswetenschappen, VU Amsterdam E-mail m.p.poelman@uu.nl

Literature list
  1. Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM). Heden en Verleden, determinanten. Persoonsgebonden factoren. 2014. [geciteerd 2015 05 01] www.eengezondernederland.nl/Heden_en_verleden/Determinanten.
  2. Zlatevska N, Dubelaar C, Holden S. Sizing up the effect of portion size on consumption: a meta-analytic review. J Marketing 2014;78(3): 140-54.
  3. Steenhuis IHM, Leeuwis FH, Vermeer WM. Small, medium, large or supersize: trends in food portion sizes in The Netherlands. Public Health Nutr 2010;13(6):852-7.
  4. Schwartz J, Byrd-Bredbenner C. Portion distortion: typical portion sizes selected by young adults. J Am Diet Assoc 2006;106(9):1412-8.
  5. Blundell JE, Macdiarmid JI. Passive overconsumption – Fat intake and shortterm energy balance. Ann Ny Acad Sci 1997;827:392-407.
  6. Rolls BJ, Roe LS, Meengs JS, The effect of large portion sizes on energy intake is sustained for 11 days. Obesity (Silver Spring), 2007;15(6):1535-43.
  7. Wansink B. Environmental factors that increase the food intake and consumption volume of unknowing consumers. Annu Rev Nutr 2004;24:455-79.
  8. Steenhuis IHM, Poelman MP, Vermeer WM (2015) Managing and preventing obesity. Chapter 11: Managing food portion size and its effect on weight control, p167-170. Cambridge, Engeland, Woodhead Publishing.
  9. Poelman MP, Steenhuis IH, de Vet E et al. The development and evaluation of an internet-based intervention to increase awareness about food portion sizes: a randomized controlled trial. J Nutr Educ Behav 2013;45(6):701-7.
  10. Weinstein ND. The precaution adoption process. Health Psychol 1988;7:355-386.
  11. Poelman MP, de Vet E, Velema E et al. Behavioral strategies to control the amount of food selected and consumed. Appetite 2014;72:156-65.
  12. Steenhuis IHM, Poelman MP, Overtoom W. Smartsize me: een slimme manier om maat te houden. Schiedam: Scriptum; 2011.
  13. Rolls, B, Barnett RA. The Volumetrics Weight-Control Plan: feel full on fewer calories. 2005. HarperTorch Publishers, New York.
  14. Poelman MP, de Vet E, Velema E et al. PORTIONCONTROL@HOME: results of a randomized controlled trial evaluating the effects of a multi-component intervention aimed at portion size on body mass index. Annals of Behavioral Medicine 2015;49:18-28.
  15. Butryn ML, Phelan S, Hill JO et al. Consistent self-monitoring of weight: a key component of successful weight loss maintenance. Obesity 2007;15(12):3091-6.
  16. Sniehotta FF, Schwarzer R, Scholz U et al. Action planning and coping planning for long-term lifestyle change: Theory and assessment. Eur J Soc Psychol 2005;35(4):565-76.
  17. Partnerschap Overgewicht Nederland, Zorgstandaard Obesitas. Amsterdam, november 2010.
  18. Marlatt GA, George WH. Relapse Prevention – Introduction and overview of the model. Brit J Addict 1984;79(3):261-73.
  19. Relton C, Torgerson D, O’Cathain A et al. Rethinking pragmatic randomised controlled trials: introducing the “cohort multiple randomised controlled trial” design. Bmj. 2010;340:c1066.
  20. Merrill RM, Richardson JS, Validity of self-reported height, weight and Body Mass Index: findings from the National Health and Nutrition Examination Survey, 2001-2006. Prev Chronic Dis 2009; 6:A121
Beschouwing

Geef de diëtist een actieve taak in SMARTsize

‘Iedere Belg wordt geboren met een baksteen in zijn maag’, kreeg ik vaak te horen tijdens mijn (tijdelijk) verblijf in België. Men doelde hierbij niet op minder eten en minder overgewicht, maar op het streven van ieder Belg om een eigen huis te bouwen. Vaak heb ik nadien verzucht: ‘Was iedere obese persoon maar met een  baksteen in zijn maag geboren; ze eten immers met hun ogen in plaats van met hun maag.’ Terwijl voor mij een lamskoteletje voldoende is, is voor hen een T-bone steak de maat. Extra schrijnend is dat de plak kaas met 30% vergroot is en een boterham met kaas zo dus ongemerkt meer energie geeft. Dat is geniepiger dan de grote potten
pindakaas die meestal met het logo XXL meer waar voor minder geld beloven. Aangezien de ogen van obese mensen grotere porties als normaal beschouwen, krijgen medetafelgenoten, zoals hun kinderen, ook grotere porties opgeschept. Het werken aan het normaliseren van de portiegrootteperceptie is een van de eerste noodzakelijke stappen in de energiebeperking. Het SMARTsize-programma is hiertoe een prachtige eerste aanzet.
Na pilottesting is het uitgerold in vergelijkend onderzoek. Helaas is de uitval twee maal hoger in de interventiegroep en wordt het verwachte verschil van 1 BMI-eenheid – ondanks adequate steekproefgrootte
– niet behaald: een significant 0,45 BMI-punts groter gewichtsverlies is alleen te zien na correctie voor outlyers en voor leeftijd, BMI, geslacht, educatieniveau en dieetgedrag.
Maar misschien is BMI niet de goede maat en is de gedragsverandering belangrijker. Inderdaad laat het ruwe en gecorrigeerde model hierin een bescheiden, maar significante verbetering zien.
Helaas is dit niet blijvend, maar gedragsverandering is iets hardnekkigs. Het programma zegt ook wel iets over de deelnemers:
passieve informatie en interactieve quizs worden door 91% gevolgd, het boek wordt slechts door 64% volledig gelezen en actieplannen door 64% gemaakt. Het bezoek aan de kookcursus (40,3%) en het volgen van de homescreening (48%) zijn bedroevend laag. De ‘sedentaire’ leefstijl van de obesen komt ook hieruit naar voren. Toch biedt dit programma vele handvaten en perspectieven! Mijn conclusie zou zijn dat het juist in de dieetbehandeling bij diëtisten inbedding verdient met de eerste twee onderdelen ‘passief’ via de website en de volgende twee onderdelen actief door de eigen diëtist in groepjes begeleid. Onderzoek hiernaar wordt hooglijk toegejuicht!

Lisbeth Mathus-Vliegen, emeritus hoogleraar klinische voeding en mdl-arts, n.p.