Ingezonden 2-10-2020

Door William Cortvriendt, auteur van Kankervrij

Het is als auteur van een nieuw boek zoals Kankervrij uiteraard interessant als dit als bijzonder relevant wordt gevonden. Onmiddellijk na en zelfs voorafgaand aan de publicatie is het boek volop door tv, radio en overige pers onder de aandacht gebracht en zijn er vele meningen en recensies over verschenen. Ook het Nederlands Tijdschrift voor Voeding en Diëtetiek (NTVD) heeft zich niet onbetuigd gelaten met in dit geval een kritische recensie geschreven door zelfs twee personen.

En laat ik meteen duidelijk zijn: Ook recensies die het niet eens zijn met mijn analyses en de inhoud van mijn boeken omarm ik. Tenminste, als ze eerlijk en met open vizier inhoudelijke kritiek leveren die uiteindelijk kan leiden tot een beter inzicht voor alle partijen en uiteindelijk tot een betere patiëntenzorg. Dat is met de recensie door van der Louw en Breedveld helaas niet het geval.

Sommige partijen vinden leefstijlgeneeskunde bedreigend voor hun verdienmodel

Naar blijkt wordt het boek Kankervrij om diverse redenen helemaal niet leuk gevonden door een aantal medische en paramedische beroepsgroepen en al helemaal niet door de voedingsmiddelen- en suikerindustrie. Deze laatste kwam als eerste met een kritisch betoog geleverd door de via de suikerlobby gesponsorde hoogleraar Fred Brouns, die desgevraagd echter geen letter uit het boek had gelezen. Hierover meer aan het eind van dit betoog.

Zo werd de recensie in het NTVD tevens voorafgegaan door Herma ten Have die met haar betoog in het Nieuws voor diëtisten ook al meteen de toon zette. Mevrouw ten Have vroeg zich namelijk af of ik al die grote hoeveelheid referenties wel echt allemaal had gelezen, duidelijk als poging bedoelt om mij als auteur in het diskrediet te brengen en onderuit te halen. Om meteen deze vraag te beantwoorden: Ja, ik lees publicaties die ik later als referentie gebruik allemaal. Sterker nog, indien het voor mijn betoog essentiële publicaties betreft, heb ik als gewoonte om de hoofdonderzoeker op te bellen om het onderzoek en de conclusies te bespreken. Dit is bijvoorbeeld ook gebeurd bij het afgelopen juni gepubliceerde en belangrijke Nederlandse onderzoek over de positieve resultaten van het Fasting Mimicking Diet bij de behandeling van borstkanker. Het stuk daarover in mijn boek is alvorens publicatie voorgelegd aan de onderzoekers en door hen goedgekeurd.

 De recensie in het NTVD

De recensie in het NVTD werd geschreven door de gezamenlijke inspanningen van Elles van der Louw en Jose Breedveld-Peeters en laat kwalitatief ook wel het een en ander te wensen over. Laat ik in elk geval noemen dat het inhoudelijke onjuistheden bevat, de nuances van het boek volledig mist en essentiële informatie en de context van hetgeen in Kankervrij wordt besproken volledig weglaat. En meteen wordt er in hun aanhef alvast even gesteld dat het boek waarschijnlijk bedoeld is om voor rumoer te zorgen, in plaats van mijn werkelijke doelstelling dat vooral kankerpatiënten ermee kunnen worden geholpen. En als deze opmerking over rumoer de titel van mijn boek Kankervrij betreft, deze is uit vele kandidaten door kankerpatiënten die het boek vooraf hebben proefgelezen zelf gekozen. Overigens vonden al deze lezers van ‘nog voor het eerste uur’ het boek Kankervrij boek glashelder en niet een ingewikkeld boek zoals in de recensie wordt genoemd, maar verder niet verklaard door de recensenten. De reactie van de beide oncologen die het boek hebben proefgelezen was dat al hun patiënten dit moeten lezen. Blijkbaar was de inhoud voor deze oncologen niet alleen vanuit oncologisch standpunt waardevol, maar ook helder genoeg om hun patiënten aan te raden om te lezen.

Ik verklaar me verder nader over mijn eerdergenoemde kritiek op de recensie met een aantal concrete voorbeelden.

Er wordt bijvoorbeeld gesteld dat ik garanties suggereer dat een gezonde leefstijl je beschermt tegen het ontwikkelen van kanker. Mag ik weten waar dit staat in het boek? Dan verdwijnt deze overigens niet bestaande bewering in het boek alsnog in de eerstvolgende druk.

Er wordt zo ook door de recensenten gesteld dat de effecten van studies een gunstig effect tonen van het ketogeen dieet op de kwaliteit van leven, maar geen effect op de groei van de tumor (terwijl ik dat laatste wel suggereer in mijn boek). Dit is ook een van de vele onjuistheden. Er zijn namelijk wel aanwijzingen voor een gunstig effect van het ketogeen dieet op de groei (en krimp) van de tumor. Wellicht kunnen van der Louw en Breedveld de volgende gerandomiseerde klinische studie bij patiënten met borstkanker met gunstige resultaten lezen die ik ook specifiek bespreek in Kankervrij en die bij het lezen van mijn boek nauwelijks gemist kan worden: https://www.clinicalnutritionjournal.com/article/S0261-5614(20)30339-3/ppt

Verder wordt u bijvoorbeeld verteld dat ik zou beweren om de erg hoge dosering van 100 mcg vitamine D of meer per dag te nemen. Dat staat helemaal niet in mijn boek Kankervrij! Wat ik wel zeg is dat je vitamine D moet doseren op geleide van de bloedspiegel en dat je niet zomaar op eigen houtje moet gaan doseren zonder te weten waar je mee bezig bent (voor de recensenten: blz 196, derde tot vijfde regel). Een wel heel andere nuance dan de door de recensenten impliciet en opzettelijk opgewekte suggestie dat de auteur een onverantwoorde brokkenpiloot zou zijn.

Verder bevat mijn boek zoveel referenties omdat het boek qua inzichten inderdaad vernieuwend is en ik wil duidelijk maken dat elk feit en argument dat ik gebruik voor mijn analyses is gebaseerd op wetenschap uit ‘peer reviewed’ vakliteratuur. Echter, al de nuances en overwegingen die ik hieruit aanhaal in mijn boek worden totaal niet genoemd in de recensie. Alsof ik bijvoorbeeld suggereer dat ik iedereen op een onverantwoorde manier aan een ketogeen dieet en/of het vasten wil hebben. Ook wordt hierbij maar even weggelaten dat ik patiënten aanraad, zeker in geval van ketogeen en FMD, om allereerst met de oncoloog te overleggen. (Voor de recensenten: pag 261 regel 14-16). Bijvoorbeeld omdat er contra-indicaties kunnen zijn. (Voor de recensenten blz 141/142). Mijn eigen vrouw die kanker heeft gehad lijdt bijvoorbeeld aan porfyrie, een absolute contra-indicatie voor zowel ketogeen als FMD.

Kankervrij is echter geen boek dat alleen maar gaat over het ketogeen dieet. Dit onderwerp beslaat in Kankervrij ‘slechts’ een van de twintig hoofdstukken. De inhoud van de beschrijving van het ketogeen dieet in Kankervrij mist daarom vele details die nodig zijn om een ketogeen dieet succesvol voor een voldoend lange periode te kunnen volgen. Hiervoor verwijs ik expliciet naar het boek Ketokuur, geschreven door Pascale Naessens, Prof dr. Hanno Pijl (LUMC) en ondergetekende. Een detail dat gemakshalve bij de kritiek van de recensenten maar even weggelaten wordt. En als het later in de recensie over de recepten gaat, noemen de recensenten wel dat ik naar het boek Ketokuur verwijs met de badinerende opmerking: “Dit geeft een opvallend sturend en commercieel tintje aan het boek”. Voor de goede orde over deze wel erg tendentieuze opmerking: Ik heb mijn tekst voor het boek Ketokuur van uitgeverij Lannoo geschreven tegen de vergoeding van exact nul Euro, dus zonder enige financieel nevenbelang, niet nu en niet in de toekomst. Extra wrang in dit verband is ook dat mijn uitgeverij en ikzelf actief en belangeloos betrokken zijn geweest bij de organisatie van symposia en presentaties ten behoeve van de Stichting KiKa (Kinderen Kankervrij) met onder meer verkoop van mijn eerder gepubliceerde boeken, waarbij de opbrengst volledig ten goede kwam van deze Stichting. Het plaatst het geschiet vanaf de heup door van der Louw en Breedveld om mij ook op een dergelijke manier in het diskrediet proberen te brengen op een onacceptabel laag niveau.

En dan de context van de recensie. Het is de recensenten duidelijk te doen om het ketogeen dieet en het Fast Mimicking Diet, twee van de in totaal twintig hoofdstukken en de vijf additionele bijlagen. Er wordt bijvoorbeeld met geen woord gerept over de eerste tien hoofdstukken die de volledige context met inbegrip van de onderliggende pathofysiologie bepalen van de voedingsadviezen en er wordt niet of nauwelijks over de andere belangrijke complementaire behandelingen tegen kanker gesproken, zoals bewegen, stressreductie, slapen etc.

 Een wel geheel andere mening over Kankervrij door een deskundige die zelf kanker heeft

Het boek Kankervrij is in de eerste plaats geschreven om patiënten die aan kanker lijden te helpen en niet om bepaalde belangengroepen gelukkig te maken. Een mooie illustratie is dat een aantal weken geleden een hoogleraar in ‘Nutritional Biology’ contact met mij zocht die al voor de publicatie over mijn boek had gehoord. Of ik zo mogelijk met spoed een proefexemplaar wilde toesturen aangezien deze professor twee dagen daarvoor zelf de diagnose kanker te horen had gekregen. De reactie weer twee dagen later van de hoogleraar die mijn boek in tegenstelling tot de genoemde recensenten wèl goed had gelezen: “Ik heb het boek verslonden”. “Mooi” en “Je geeft in je boek goed de nuance aan”. Wat een hemelsbreed verschil van mening tussen deze deskundige en die van de besproken recensenten…

En nog een wat meer algemene opmerking over leefstijladviezen

Behalve dat leefstijladviezen een dreiging vormen van een aantal bestaande verdienmodellen in de gezondheidszorg, farmaceutische – en voedingsmiddelenindustrie, is een algemeen kenmerk dat er voor deze vorm van gezondheidszorg zelf juist geen goed verdienmodel is. Want, wie gaat er bijvoorbeeld grote sommen geld investeren in fase 3 onderzoek met vasten? AHOLD? Unilever? Nestle? Natuurlijk niet! We moeten ons dus vaak baseren op de onderzoeksgegevens die we hebben en deze zien er zowel bij ketogeen als bij FMD gelukkig positief uit. En uiteraard is er nog heel veel onderzoek nodig dat ik ook steeds met de nodige nuances in Kankervrij benoem. Naar mijn mening kun je kankerpatiënten echter niet vertellen dat de eerste studies er wel positief uitzien, maar dat ze nog maar even 10 jaar moeten wachten, want dan weten we het misschien zeker. Ik vind dus dat je als oncoloog en als diëtist de patiënt opties voor dient te leggen zoals het ketogeen dieet en Fast Mimicking diet, vooral gezien de gunstige risk/reward verhoudingen voor zover deze althans bekend zijn.

En dan de kritiek van onder meer Prof Fred Brouns op mijn analyse over de schadelijke effecten van suiker. Daarover een persoonlijke ervaring met zeer positieve behandelingsresultaten die ik ondertussen met veel patiënten heb ervaren: een aantal jaren geleden werd ik voor een tv- documentaire door de firma Endemol gevraagd om een zestal zeer zieke patiënten te behandelen. Een van de patiënten betrof John die volgens de huisarts een ‘hopeloos geval’ was die niet meer te behandelen zou zijn voor de gevolgen van het metabool syndroom. Het werkelijk spectaculaire resultaat werd bereikt door vooral suiker en industrieel met suiker ‘verrijkte’ voeding uit zijn dieet weg te nemen te nemen en is te zien in de volgende door derden gemaakte korte video: https://www.youtube.com/watch?v=oxiQR84jDBM

“Ach, dat zijn slechts korte termijn resultaten” was de reactie van overheidsinstanties en verzekeringsmaatschappijen. Echter, ondertussen zijn de al even gunstige langere termijneffecten gepubliceerd van vergelijkbare veranderingen door leefstijl en dan vooral door voeding: https://nutrition.bmj.com/content/early/2020/08/17/bmjnph-2020-000081

Ik ben realist en weet dat elke verandering in de gezondheidszorg moeilijk is. Ik vrees dat de Gezondheidsraad/het Voedingscentrum nog lang gaan treuzelen om de door mij en ondertussen vele anderen gewenste voedingsadviezen en de eruit volgende medische- en dieetbehandelingen formeel te maken. Maatregelen die niet zo leuk zijn voor de voedingsmiddelenindustrie en verstorend kunnen werken op het verdienmodel van diverse onderdelen van de gezondheidszorg. Tot dat tijdstip zullen de onderliggende oorzaken van overgewicht/obesitas/diabetes type 2, hart- en vaatziekten en zoals ik in mijn boek Kankervrij betoog, die ook bij kanker een belangrijke rol spelen, zeker niet algemeen worden geaccepteerd. De hierboven besproken recensie met insinuaties van bedenkelijk niveau, die niets te maken hebben met de werkelijke inhoud van de noodzakelijke discussie, is daar een sprekend voorbeeld van.