Log in
Sarcopenie is een veel voorkomend verouderingssyndroom. Het houdt verband met fysieke en cognitieve beperkingen, verminderde kwaliteit van leven en een verhoogde kans op overlijden.  
dr. Harriët Jager - Wittenaar

De term ‘sarcopenie’ is in de jaren tachtig geïntroduceerd en is daarmee een relatief nieuw begrip. Aanvankelijk werd sarcopenie gedefinieerd als het verlies van spiermassa door het ouder worden. Tegenwoordig wordt het gezien als een geriatrisch syndroom en omschreven als het verlies van zowel spiermassa als functie (kracht en/of performance) door het ouder worden.1 Door de verschillende definities is er een grote variatie in gerapporteerde prevalentie.2 Op basis van verlies van zowel spiermassa als spierfunctie varieert deze van 3% tot 37% bij gezonde ouderen.3  

Oorzaken en gevolgen

Sarcopenie start al op vroege leeftijd met atrofie en verlies van type II-spiervezels, dat doorgaat gedurende het verdere leven. Dit is het gevolg van de complexe interactie tussen leefstijlfactoren (waaronder lichamelijke inactiviteit en onvoldoende inname van eiwit, vitamine D, antioxidanten en langeketen onverzadigde vetzuren), fysiologische factoren (waaronder hormonale veranderingen, anabole resistentie, insulineresistentie en ontstekingsactiviteit) en genetische factoren. Het verlies van spierkracht wordt vooral merkbaar vanaf de leeftijd van circa 35 jaar. De…