Lees verder
In de nieuwe sarcopeniecriteria wordt de appendiculaire skeletspiermassa gemeten. Wat is dit? En wat is de waarde ervan?
dr. ir. Hinke Kruizenga, drs. ir. Robert Memelink, Heidi Zweers - van Essen Msc, ir. Paul Hulshof

De appendiculaire skeletspiermassa (ASSM) is het zachte, vetvrije weefsel van de ledematen, exclusief huid en bindweefsel. Deze wordt doorgaans benaderd door het zachte vetvrije weefsel van de ledematen te meten met dual-energy X-ray absorptiometry (DXA). De ASSM kan geschat worden met de uitslag van een BIA-meting.

Formules

Er zijn meerdere formules waarmee de ASSM berekend kan worden. In de sarcopenieconsensus wordt de formule van Sergi aanbevolen.1 Deze is immers in een oudere populatie ontwikkeld.2 In onderstaande tabel staan de bruikbare formules. De gebruiker kan de formule kiezen die het beste past bij de te meten persoon. De berekeningen zijn eenvoudig uit te voeren op de website van het Zakboek diëtetiek.

Normaalwaarden en afkappunten

De ASSM wordt absoluut uitgedrukt (in kg) en als index: ASSMI = ASSM(kg)/lengte(m)2. In de nieuwe sarcopeniecriteria is het afkappunt voor ASSMI voor mannen < 7,0 kg/m2 en voor vrouwen < 5,5 kg/m2.1

Er zijn twee referentietabellen beschikbaar. De eerste is een Kyle ASSM normaalwaarden, gebaseerd op 7489 Zwitserse personen.8 De tweede is NHANES ASSMI referentiewaarden van 20.553 personen uit het NHANES-cohort.9 Deze referentiewaarden staan beschreven in de standard operating procedure BIA van het Nutritional Assessment Platform.

Toepasbaarheid in de praktijk

De berekening van de ASSM kan toegepast worden in de diagnostiek van sarcopenie en kan gebruikt worden naast de vetvrije massa en de vetmassa (index). In de diagnostiek van ondervoeding heeft de VVM(I) de voorkeur en in de diagnostiek van sarcopenie de ASSM(I).

Literatuur

  1. Cruz-Jentoft A, Bahat G, Bauer J et al. Sarcopenia: revised European consensus on definition and diagnosis. Age Ageing 2019;48(1):16-31. en Age and Ageing 2019; 48: 601
  2. Sergi G, De Rui M, Veronese N. Assessing appendicular skeletal muscle mass with bioelectrical impedance analysis in free-living caucasian older adults. Clin Nutr 2015 Aug;34(4):667-73.
  3. Kyle UG, Genton L, Hans D et al. Validation of a bioelectrical impedance analysis equation to predict appendicular skeletal muscle mass (ASMM). Clin Nutr 2003 Dec;22(6):537-43.
  4. Kim JH, Choi SH, Lim S et al. Assessment of appendicular skeletal muscle mass by bioimpedance in older community-dwelling Korean adults. Arch Gerontol Geriatr 2014;58(3):303-7.
  5. Yoshida D, Shimada H, Park H et al. Development of an equation for estimating appendicular skeletal muscle mass in Japanese older adults using bioelectrical impedance analysis. Geriatr Gerontol Int 2014;14: 851-7.
  6. Studenski SA, Peters KW, Alley DE et al. The FNIH sarcopenia project: rationale, study description, conference recommendations, and final estimates. J Gerontol A Biol Sci Med Sci 2014 May;69(5):547-58.
  7. Gould H, Brennan SL, Kotowicz MA et al. Total and appendicular lean mass reference ranges for Australian men and women: the Geelong osteoporosis study. Calcif Tissue Int 2014;94(4):363-72.
  8. Kyle UG, Dupertuis YM, Raguso CA et al. Appendicular skeletal muscle mass percentiles in 7489 healthy adults aged 18-98 years determined by bioelectrical impedance analysis (BIA). Clin Nutr 2003;22,Supplement 1:S1.
  9. Kelly TL, Wilson KE, Heymsfield SB. Dual energy X-ray absorptiometry body composition reference values from NHANES. PLoS One 2009 Sep 15;4(9):e7038.