Log in
In augustus 2018 publiceerde ESPEN een update van de richtlijn klinische voeding op de Intensive Care (IC) afdeling. In deze richtlijn is uitgewerkt wie de risicopatiënten zijn, hoe de voedingsstatus en voedingsbehoefte van een IC-patiënt te beoordelen is, en welke voedingsroute de voorkeur heeft in verschillende klinische omstandigheden. De richtlijn bestaat uit 32 pagina’s en 57 aanbevelingen, waarbij ook de graad van bewijskracht en van consensus is aangegeven.
dr. ir. Hinke Kruizenga

Screening en diagnostiek

Screening en nutritional assessment op de IC wordt bemoeilijkt door verstoring van de vochthuishouding. Er is geen geschikte screeningstool geselecteerd, ook niet de NUTRIC-score die voor deze groep is gemaakt. Geadviseerd wordt om een algemene beoordeling uit te voeren die bestaat uit navragen van gewichtsbeloop, fysiek functioneren en, indien mogelijk, het meten van lichaamssamenstelling en spiermassa en spierkracht. De aanbeveling is om elke patiënt die meer dan 48 uur op de IC verblijft te kenmerken als ‘risico op ondervoeding’.

Welke voeding en hoe?

Normale voeding heeft de voorkeur boven parenterale en sondevoeding. Als normale voeding niet mogelijk is binnen 48 uur moet er gestart worden met sondevoeding. Het toepassen van bolus sondevoeding wordt afgeraden. Bij contra-indicaties voor sondevoeding wordt binnen drie tot zeven dagen gestart met parenterale voeding. Voeden in de maag heeft de voorkeur. Als dit niet mogelijk is of er is een hoog risico op aspiratie, kan gevoed worden in het duodenum en, meer…