Lees verder
Carla van Ooij is hoofd bedrijfsbureau van de NVD. Ze zag de vereniging de laatste 25 jaar veranderen: van een bestuur met een directiesecretaresse die werkte vanuit een slaapkamer, naar een professionele organisatie met veertien werknemers op een mooi kantoor in Houten. Een kijkje achter de schermen.
ir. Caroelien Schuurman

Op initiatief van zes enthousiaste diëtisten ontstond in 1941 de Nederlandse Vereniging van Diëtisten. De diëtist was in die tijd een eenling; de vereniging bood mogelijkheden om elkaar te ontmoeten en te ondersteunen. De vereniging groeide: eind jaren veertig waren er ongeveer honderd leden. In de jaren daarna werd professionalisering het belangrijkste doel.

Deze groei ging samen met uitbreiding van de organisatie. Eerst kwam er, in 1956, een freelance directiesecretaresse om het bestuur te ondersteunen. Daarna volgde in 1987 secretaresse Nolda van Loon en in 1988 ambtelijk secretaris Marian Niesten. In 1989 kwam Marian Donker erbij als hoofdredacteur van het Nederlands Tijdschrift voor Diëtisten en in 1991 Nora Bakker als stafmedewerker. Op 1 januari 1992 trad Carla van Ooij in dienst als secretaresse.

 

Automatisering

Van Ooij had als directiesecretaresse bij diverse werkgevers gewerkt. Na de komst van haar kinderen was ze zeven jaar uit het arbeidsproces geweest. In die tijd was de grote automatisering begonnen. Van Ooij vond dit fascinerend en volgde cursussen om de ontwikkelingen bij te houden. Ze werd aangenomen bij de NVD met als taak om de automatisering op te zetten, zodat de financiële administratie en ledenadministratie in eigen beheer konden worden uitgevoerd.

Van Ooij: “Tot die tijd werden de gegevens van leden opgeschreven, met ponskaarten vastgelegd, opgestuurd en extern ingevoerd. Op het bureau stond een kaartenbak met daarin onze leden. Erg omslachtig en onoverzichtelijk. De automatisering zorgde ervoor dat we alles bij de hand hadden. In het begin werden alleen de adresgegevens en het jaar van afstuderen vastgelegd. Tegenwoordig staan ook de werkplekken, aandachtsgebieden, e-mailadressen en internetadressen geregistreerd. Bovendien is ons financiële systeem gekoppeld aan de ledenadministratie, waardoor we bijvoorbeeld studenten, net-afgestudeerden en AOW’ers een factuur met gereduceerd tarief kunnen sturen.”
Ambtelijk secretaris Niesten noemde het sollicitatiegesprek met Van Ooij achteraf het vreemdste dat ze ooit had gevoerd. Op veel vragen antwoordde ze eerlijk: ‘Nee, dat kan ik nog niet. Maar ik kan het wel leren, en dat vind ik leuk.’ Van Ooij werd aangenomen als secretaresse en schopte het tot hoofd van het bedrijfsbureau.

Aanstelling directeur

De vereniging breidde uit met beleidsmedewerkers en redactieleden. En in 1991 kwam er een heus kantoor, in Oss. Nolda van Loon had tot die tijd het werk gedaan vanuit haar slaapkamer en Marian Donker werkte vanuit haar woning in Amsterdam.
In 2001 werd Marjan Boonzaaier de eerste directeur. “Het aanstellen van een directeur was destijds een bewuste keuze: het was een ontlasting van de bestuursleden. Door de groeiende organisatie nam de werkdruk toe.” Het kantoor in Oss was in eerste instantie erg groot; het was een deel van een oud bankgebouw. Maar na vijftien jaar groeide de NVD eruit. “Vanwege de gunstige centrale ligging verhuisden we naar een kantoor in Houten. En de NVD groeide, doordat steeds er meer werkzaamheden werden opgepakt. Het aantal leden nam toe en deze werden steeds meer ondersteund.”

Afwisselend werk

Als hoofd bedrijfsbureau geeft Van Ooij nu leiding aan drie medewerkers. Samen zijn ze verantwoordelijk voor de financiële administratie en de ledenadministratie, de website en het beantwoorden van vragen. “De werkzaamheden zijn heel divers”, aldus Van Ooij. “Naast de financiële administratie en ledenadministratie ondersteunen we de andere elf medewerkers op het bureau. We krijgen veel vragen van diëtisten en consumenten. De laatste verwijzen we altijd door naar de ‘Dieet dit-Dieet dat’-website en de NVD-website. Consumenten kunnen zelf zoeken naar een diëtist in hun regio of een diëtist met een bepaald specialisme. Vragen van diëtisten gaan vaak over praktische zaken, zoals verzekeraars, het kwaliteitsregister, eisen aan praktijkruimten, facturen et cetera. Veel van deze informatie communiceren we tegenwoordig actief naar onze leden met de digitale nieuwsbrieven NVD Nieuws en NVD NU. Ook ontvangen we vragen van de pers. Daarbij kijken we welke diëtist uit ons ledenbestand die vraag het beste kan beantwoorden. Het is heel afwisselend werk, daarom zit ik hier al bijna 25 jaar. Ik hoef geen andere baan, hij verandert vanzelf wel!”

Betrokken leden

Als belangrijkste figuur in haar loopbaan noemt Van Ooij Marian Niesten, destijds ambtelijk secretaris. “Ik heb tien haar met haar samengewerkt. Zij heeft me echt de kans gegeven om me verder te ontwikkelen. Ze had daarnaast een enorm arbeidsethos. Zij zei altijd: ‘We hebben heel veel vrijwilligers die allemaal in de avonduren voor de vereniging werken. Dan gaan wij geen overuren schrijven, hoor!’ Hoofdredacteur Marian Donker was ook uit die tijd. Zij voerde jarenlang in haar eentje de redactie van het tijdschrift op haar zolderkamer aan de Herengracht in Amsterdam. Ook zij maakte enorm veel uren. Beiden hebben veel betekend voor de NVD.”

Dieet dit – Dieet dat’

Echt controversieel binnen de NVD noemt Van Ooij de start van de communicatie richting consumenten. “Tot twee jaar geleden communiceerden we alleen richting diëtisten. Met ‘Dieet dit-Dieet dat’ is daar verandering in gekomen. Ik wist eerst niet wat ik hoorde, maar ik denk zeker dat het goed is om ook richting consumenten te laten zien wat diëtisten doen.”

Volop kansen

Voor de komende jaren hoopt Van Ooij dat zowel de consument als de medische wereld doordrongen raakt van de waarde van een voedingsadvies op maat, en dat de diëtist daarvoor de aangewezen persoon is. Daarbij ziet ze volop kansen voor de NVD. “Doordat we politieke ideeën goed in de gaten houden, kunnen we daarbij aansluiten. We gaan zoveel mogelijk met de stroom mee, en ertegenin als dat nodig is. Ik heb veel vertrouwen in de NVD en zeker ook in onze leden: ze zijn trouw en steunen ons in onze besluiten.”