Lees verder
Hooikoorts is de meest voorkomende vorm van allergie en de prevalentie zal naar verwachting nog verder toenemen. In Noord-Nederland is een samenwerking ontstaan tussen de eerste-, tweede- en derdelijns diëtisten om de zorg voor patiënten met door hooikoorts veroorzaakte voedselallergie te verbeteren.
Desie Dijkema, MSc, Kirsten Weerstand, Dr. Hanneke Oude Elberink

Circa 10-70% van de mensen met hooikoorts is allergisch voor een breed palet aan voedingsmiddelen. Dit kan van invloed zijn op de samenstelling van het voedingspatroon en de kwaliteit van leven. Het gaat hier om een kruisallergie voor bijvoorbeeld rauw fruit, groente, pinda of noten die zich klinisch meestal mild uit in de vorm van orale allergie klachten. De afdeling allergologie van het UMCG heeft een lange wachtlijst, waardoor patiënten (onnodig) lang met vragen blijven zitten. Eerstelijns diëtisten  in Noord-Nederland boden zelden tot geen zorg bij kruisallergie. Drie jaar geleden ontstond het idee om te kijken op welke manier deze zorg kon worden verbeterd.

Samenwerken

Met de inbreng van patiënten, eerstelijns diëtisten, huisartsen en allergologen ontstond gezamenlijk het idee om een pilot op te zetten, waarbij de zorg voor kruisallergie uitgeplaatst wordt naar de eerstelijns diëtist. Hiervoor zijn in de provincie Groningen eerstelijns diëtisten  benaderd die de post-hbo-scholing ‘voedselovergevoeligheid’ hebben gevolgd. Deze eerstelijns diëtisten volgden een speciale training in het UMCG, waarbij zij theorielessen met casuïstiek kregen over kruisallergie en het verschil met primaire voedselallergie. Door mee te lopen met het spreekuur van de allergiediëtist van het UMCG, leerden zij tevens om dit toe te passen in de praktijk, onder meer door een op voedselallergie gerichte anamnese af te nemen. Daarna werden de patiënten in de eigen praktijk van de diëtist gezien. Tijdens de pilot had de eerstelijns diëtist dezelfde rol als de allergiediëtist in het UMCG, met het onderscheiden van verschillende vormen van voedselovergevoeligheid, het diagnosticeren van kruisallergie en het geven van adviezen aan patiënten met een kruisallergie. Bij een verdenking op een primaire voedselallergie werden patiënten terugverwezen naar de huisarts, die hen voor nadere diagnostiek kan doorverwijzen naar het UMCG. Als de diëtisten vragen hadden over patiënten met een voedselallergie in hun eigen praktijk, of onzeker waren over bloeduitslagen, de diagnose of adviezen, konden zij vragen stellen aan een allergiediëtist van het UMCG.

Resultaat

Deze pilot is geëvalueerd met patiënten. Hieruit bleek dat de diëtist in de eerste lijn  aan patiënten met kruisallergie dezelfde zorg kan bieden als de allergiediëtist in het UMCG. Het zorgde er bovendien voor dat de kwaliteit van leven van de patiënten behouden bleef of verbeterde. Ten opzichte van de zorg in het ziekenhuis vonden patiënten het plezierig dat de zorg dichtbij kon worden geboden, dat zij snel terecht konden en dat de kosten lager waren dan wanneer zij een allergoloog hadden moeten bezoeken.

En nu verder

Sinds een jaar is deze samenwerking uitgebreid; inmiddels maken 19 eerstelijns diëtisten uit de provincies Groningen, Friesland, Drenthe, Overijssel en Flevoland, het Martini Ziekenhuis en het Ommelander Ziekenhuis onderdeel uit van de samenwerking met het UMCG. Elk kwartaal wordt er een bijeenkomst georganiseerd waarbij iedereen een bijdrage levert in de vorm van kennisoverdracht of casuïstiek. De eerstelijns diëtisten krijgen steeds meer verwijzingen van huisartsen, maar ook van specialisten in algemene ziekenhuizen voor het begeleiden van mensen met kruisallergie. Diagnostiek en begeleiding van (verdenking op) primaire voedselallergie blijft zorg die alleen in een allergologisch centrum kan plaatsvinden.

Successen

Dit samenwerkingsverband kent echte successen: de nauwe samenwerking en afstemming met de verschillende zorgprofessionals heeft ervoor gezorgd dat de zorg voor kruisallergie op een goede manier in de eerste lijn kan plaatsvinden. Daarbij bleef  de kwaliteit van leven van patiënten bleef behouden of is gestegen. Bovendien zijn de verwijzingen naar het UMCG in verband met kruisallergie zijn sterk gedaald. De samenwerking heeft op de voorpagina van het Dagblad van het Noorden en de Leeuwarder Courant gestaan. Wij denken vooral dat het uitvragen van de wensen en het toekomstbeeld van de patiënt een belangrijke bijdrage heeft geleverd aan dit succes. De inbreng van patiënten is essentieel bij aanpassingen van de zorg; daarmee wordt een idee uitgewerkt waar de patiënten zelf achter staan.