Lees verder
De lichaamslengte wordt veel gebruikt in de gezondheidszorg, onder andere bij het berekenen van de BMI, de energiebehoefte, de lichaamsoppervlakte en de vetvrije massa (VVM). Als het meten van de staande lengte niet mogelijk is, zijn er alternatieve lengtemetingen. Het Nutritional Assessment Platform deed literatuuronderzoek en kwam tot een aanbeveling voor de methode die daarbij gebruikt kan worden.
Manon de Geus, dr. ir. Hinke Kruizenga, Anneke Droop, dr. Jacqueline Langius

Lichaamslengte wordt gemeten met de stahoogtemeting. Daarbij staat de te meten persoon rechtop en wordt de lengte afgelezen met een lengtemeter. Soms is een stahoogtemeting echter niet uitvoerbaar door het onvermogen van de te meten persoon om rechtop te staan, of onbetrouwbaar in geval van kyfose of scoliose. Dan zijn er alternatieven beschikbaar: het meten van de armspanwijdte, de demispanwijdte, de kniehoogte en de ulnalengte, evenals het navragen van de lengte. Op basis van de alternatieve meting kan vervolgens met een formule de totale lichaamslengte berekend worden.

Methoden

Armspanwijdte

De armspanwijdte is de afstand tussen de toppen van de langste vinger van iedere hand met beide armen volledig horizontaal gestrekt. Deze methode blijkt niet betrouwbaar uitvoerbaar bij ouderen. Het lukt bij deze groep vaak niet om de armen en/of de vingers maximaal te spreiden zonder ondersteuning.

Demispanwijdte

De demispanwijdte is de lengte tussen het keelkuiltje en het begin van de langste vinger. De demispanwijdte kan zowel zittend, staand als liggend worden bepaald. Ook deze methode blijkt slecht uitvoerbaar bij ouderen.

Kniehoogte

Bij de kniehoogtemeting wordt het onderbeen zo geplaatst dat de knie een hoek van negentig graden maakt. Dit kan in zittende en in liggende positie. De lengte van het onderbeen wordt gemeten van de bovenkant van de knieschijf tot de onderkant van de voet.

Ulnalengte

Bij de ulnalengtemeting wordt de lengte van de ulna (ellepijp) gemeten. Dit is de lengte van de elleboog (olecranon) tot en met het buitenste bot van de pols. Bij deze meting wordt de onderarm kruislings voor de borst geslagen naar de andere schouder. De ulnalengtemeting is een relatief eenvoudige methode voor mensen die bedlegerig zijn.

Nagevraagde lengte

Naast deze metingen is het navragen van de lengte een optie. Volwassenen, met name ouderen, hebben echter geen goed beeld van hun actuele lengte. Ouderen hebben de neiging om hun lengte te overschatten of juist naar beneden te corrigeren vanwege de verwachte lichaamskrimping.1 Het risico op foutieve inschattingen van lichaamslengte wordt groter naarmate cliënten ouder worden. Dit wordt al waargenomen na een leeftijd van 45 jaar.2

In de praktijk wordt vaak de lengte uit het identiteitsbewijs gebruikt. Deze lengte is echter vaak jaren geleden bij een eerste aanvraag in het gemeentehuis of bij indiensttreding van het leger opgemeten. Het betreft dus meestal de oorspronkelijke lichaamslengte, die de actuele lengte veelal zal overschatten.

Actuele of oorspronkelijke lengte?

Een terugkerende vraag is of er in de berekening van bijvoorbeeld de BMI, energiebehoefte en VVM gebruik moet worden gemaakt van de actuele lengte of van de oorspronkelijke lengte op dertig- tot veertigjarige leeftijd. Het Nutritional Assessment Platform kwam tot de volgende consensus:

Maak gebruik van de actuele lengte. Deze lengte is gebruikt in de onderzoeken die de basis zijn voor de BMI-afkappunten, de energieberekeningsformules en de formules om de VVM te berekenen. Ook de formules voor kniehoogtemeting en ulnalengte zijn gebaseerd op de actuele lengte. Bij kyfose of scoliose of ernstige verzakking van de wervels door veroudering kan gebruikgemaakt worden van de kniehoogtemeting of ulnalengte voor het schatten van de lichaamslengte.

 

Advies: stroomschema

Het advies is om het stroomschema te volgen. Als een staande meting mogelijk is en er geen afwijkingen zijn aan de wervelkolom, is dit de beste keuze. Als een staande meting niet mogelijk is of als er afwijkingen zijn aan de wervelkolom, is de kniehoogtemeting het eerste alternatief en de ulnalengte het tweede. Als die niet mogelijk zijn, blijft het navragen van de lengte het enige alternatief, of in het uiterste geval het overnemen van de lengte uit het identiteitsbewijs.

 

 SOP lengtemeting

De methodiek van lengtemeting en de alternatieve methoden met de formules zijn beschreven in de standard operating procedure (SOP) lengtemeting van het Nutritional Assessment Platform (NAP). De berekeningen kunnen worden uitgevoerd op zakboekdietetiek.nl/berekeningen.

 

Referenties

  1. Kuczmarski M, Kuczmarski R, Najjar M. Effects of age on validity of self-reported height, weight, and body mass index: findings from the Third National Health and Nutrition Examination Survey, 1988-1994. Journal of the American Dietetic Association 2001;101(1):28-34.
  2. Roberts R. Can self-reported data accurately describe the prevalence of overweight? Public health. 1995;109(4):275-84.