Lees verder
PRISMA staat voor PRo-actief Interdisciplinair Self-Management. Het is een methodiek voor zelfmanagementeducatie in groepsverband voor mensen met leefstijlgerelateerde ziekte of een verhoogd risico daarop. Zij krijgen in korte tijd alle kennis en vaardigheden die nodig zijn om weloverwogen keuzes te maken over leefstijl en omgang met hun ziekte.
ir. Sabine de Groot

PRISMA werd in 2006 in het VUmc ontwikkeld voor mensen met diabetes type 2. De methodiek is gebaseerd op het evidence based DESMOND-programma. DESMOND liet zien dat door theoretisch onderbouwde groepseducatie medische, psychologische en leefstijluitkomsten gunstig kunnen worden beïnvloed.1 Ook zijn kostenbesparing en kosteneffectiviteit aangetoond.2 Niet-vergelijkend onderzoek liet zien dat patiënten met overgewicht ‘PRISMA – diabetes met programma’ positief waardeerden en na zes maanden een lagere energie-inname hadden.3 In de databank van het RIVM is ‘PRISMA – diabetes’ opgenomen onder ‘Effectieve leefstijlinterventies’, met de kwaliteitsindicatie ‘Goed beschreven’.

‘PRISMA – diabetes’

Doel

Het programma bestaat uit twee dagdelen van tweeënhalf tot drieënhalf uur. Het wordt door twee getrainde hulpverleners gegeven in groepen met tien tot twaalf deelnemers. Het doel van PRISMA is om uiteindelijk invloed uit te oefenen op de risicofactoren bij ziekte (of verhoogde kans daarop): bloeddruk, cholesterol, roken, BMI/middelomvang, lichaamsbeweging, bloedglucose, roken en stemming.

Het beïnvloeden van risicofactoren kan enkel en alleen door het gedrag van de persoon te beïnvloeden: voeding, beweging, medicatie-inname, stoppen met roken en hulp vragen. Dit gedrag is te beïnvloeden door te werken aan de ziekteperceptie, door aandacht te besteden aan de emoties, door de intrinsieke motivatie te stimuleren en door het vertrouwen in eigen kunnen te vergroten (zie figuur). De vier gedragswetenschappelijke theorieën waarop PRISMA is gebaseerd zijn: de self-regulation theory, de dual process theory, de self-determination theory en de social learning theory.

Onderwerpen

De onderwerpen die tijdens de cursus aan bod komen zijn: fysiologie, symptomen, oorzaken, complicaties en risicofactoren en de invloed van het eigen gedrag. De cursus start met ‘het eigen verhaal’: wat is de reden van je komst, wat zijn je eigen ervaringen, welke kennis heb je al, welke zorgen spelen mee en wat zijn je brandende vragen? Er wordt toegewerkt naar het invullen van het gezondheidsprofiel met een overzicht van alle relevante risicofactoren (‘hoe sta ik er voor?’) en het formuleren van het persoonlijk SMART-actieplan. De deelnemer leert, en wordt daarin begeleid, om een concrete eigen actie te verwoorden: ‘Wat ga ik precies zelf doen om mijn gezondheidsprofiel te verbeteren en hoe ga ik het aanpakken?’

Methodiek

De PRISMA-methodiek kenmerkt zich door de open, respectvolle en empathische houding van de trainer. Door het stellen van vragen door de trainer wordt de eigen ervaring en de al in de groep aanwezige kennis gebruikt om de deelnemers aan het denken te zetten over het eigen gedrag en de eigen mogelijkheden om een positieve invloed uit te oefenen op gezondheid en omgang met de ziekte. De trainer stimuleert het vinden van de interne motivatie van de deelnemers om een persoonlijk actieplan te formuleren dat gaat over het eigen gedrag.

Verbreding naar andere ziektebeelden

De PRISMA-methodiek is niet alleen geschikt voor mensen met diabetes type 2, maar voor alle volwassenen met een leefstijlgerelateerde ziekte of een verhoogd risico daarop. Daarom is ‘PRISMA – diabetes’ vertaald naar ‘PRISMA – preventie van diabetes’ (voorheen DiAlert), ‘PRISMA – preventie hart- en vaatziekten’ en ‘PRISMA – hart- en vaatziekten’.
‘PRISMA – preventie van diabetes’ richt zich op het verlagen van het risico op diabetes bij mensen met overgewicht en een eerstegraadsfamilielid met diabetes type 2. De doelmatigheid en effectiviteit van DiAlert zijn onderzocht in een gerandomiseerd onderzoek bij een interventiegroep en een controlegroep.4 De uitkomstmaten waren gewichtsverlies, antropometrische en metabole gegevens, en gedragsmatige en psychologische aspecten. Beide groepen hadden gewichtsverlies, maar er was geen verschil tussen de groepen. Wel had de interventiegroep vaker een relevant gewichtsverlies van vijf procent of meer, en een verlaging van de middelomvang en van de systolische bloeddruk. Er waren geen verschillen in biomedische of psychologische uitkomsten.

‘PRISMA – preventie hart- en vaatziekten’ getest

Procesevaluatie

Om te onderzoeken of de nieuwe cursus ‘PRISMA – preventie hart- en vaatziekten’ klaar is voor een landelijke uitrol, is een procesevaluatie gedaan bij drie nieuwe zorggroepen en bij een zorggroep die al bekend was met ‘PRISMA diabetes’. Er werd gekeken naar hoe de deelnemers, trainers en zorggroepen deze nieuwe cursus toepasten en waardeerden. Hoe verliep de werving van deelnemers, hoe waardeerden deelnemers de nieuwe cursus, kwam de inhoud overeen met het medisch profiel en ‘het eigen verhaal’ van de deelnemers, hoe pasten de trainers de cursus toe, was het haalbaar qua tijd en inhoud, wat waren de kosten? De succes- en faalfactoren worden hier beschreven.

Werving

De zorggroepen wierven deelnemers op verschillende manieren: via een wervingsbrief, telefonisch of persoonlijk tijdens het consult of via materiaal in wachtkamer. Er werden 18 PRISMA-cursussen gegeven door 40 trainers, meestal een diëtist en een praktijkondersteuner. Voor deze PRISMA-cursussen werden 1010 deelnemers benaderd, van wie er uiteindelijk 162 deelnamen. Het gemiddelde wervingsrendement was daarmee 16%. De nieuwe zorggroepen hadden meer moeite met de werving van deelnemers dan de zorggroep die ‘PRISMA – diabetes’ al had geïmplementeerd in de zorgketen. Een aantal cursussen ging dan ook niet door vanwege gebrek aan voldoende deelnemers. Het gemiddelde aantal deelnemers per cursus was lager bij de nieuwe zorggroepen dan bij de zorggroep die reeds bekend was met PRISMA.

Uit ‘het eigen verhaal’ van de deelnemers kwam naar voren dat het hebben van risicofactoren op het krijgen van hart- en vaatziekten een belangrijke reden was om naar de PRISMA-cursus te komen (39%). Van de deelnemers had 40% behoefte aan meer kennis en vaardigheden over leefstijlveranderingen. Een deel van de deelnemers gaf aan zich zorgen te maken over de aanwezige risicofactoren (18%) en de mogelijke complicaties (24%). Ruim een derde gaf aan geen zorgen te hebben. Deelnemers hadden vooral brandende vragen over risicofactoren en leefstijl (63%). Bijvoorbeeld: hoe kan het mijn cholesterol en/of bloeddruk verlagen zonder medicatie?

Waardering

De deelnemers waardeerden ‘PRISMA – preventie hart- en vaatziekten’ met rapportcijfer 8,2 (±1,0) (N=130, schaal 0-10). Op de stelling ‘Ik heb genoeg geleerd om aan de slag te gaan met het actieplan’ was het antwoord 4,5 (±0,7) op een schaal van 1-5 (N=128). De ervaringen van de PRISMA-trainers waren overwegend positief (zie kader). Het lukte de meeste trainers om de cursus binnen de beoogde tijd te geven (2 x 150 minuten). De trainers volgden vrijwel altijd het programma en de inhoud van de trainershandleiding. Soms was dit lastig door gebrek aan tijd en ervaring met de nieuwe inhoud en methodiek.

Kosten

In de evaluatie met de zorggroepen werden de kosten geïnventariseerd en werd een gemiddelde kostprijs voor ‘PRISMA – preventie van hart- en vaatziekten’ berekend. Deze resultaten waren vergelijkbaar met de eerdere resultaten van ‘PRISMA – diabetes’. De kosten bestaan uit loonkosten van de trainers en de eventuele coördinator (werving, voorbereiding, cursus geven, evaluatie) en overige kosten (catering, zaalhuur, drukwerk et cetera). Bij een groep van 8 deelnemers waren de kosten €185 per deelnemer, bij een groep van 10 deelnemers was dat €148 per deelnemer. De zorggroepen gaan na dit onderzoek door met PRISMA.

Klaar voor landelijke uitrol

Op basis van deze praktijkervaringen is de conclusie dat ‘PRISMA – preventie hart- en vaatziekten’ klaar is voor landelijke uitrol. Het programma en de inhoud van de cursus zijn goed afgestemd op de zorgen, de brandende vragen en het medisch profiel van de deelnemers. De cursus is goed uitvoerbaar en haalbaar voor trainers in de praktijk. De cursus werd zeer goed geëvalueerd door de deelnemers.
Het werven van deelnemers is altijd lastig bij groepsinterventies. Tips om de werving succesvoller te maken zijn:

  • Benoem een coördinator die de centrale werving en inschrijving regelt.
  • Creëer draagvlak en enthousiasme bij de huisartsen, praktijkondersteuners en -verpleegkundigen die niet de PRISMA-cursus hebben gevolgd.
  • Combineer wervingsstrategieën.
  • Vermeld de naam van de huisarts of praktijk op de uitnodigingbrief.
  • Doe ervaring op.
  • Stimuleer samenwerking tussen huisartspraktijken en zorggroepen om de cursus vol te krijgen.

De implementatie van PRISMA heeft meer kans van slagen wanneer er aandacht, draagvlak en enthousiasme is voor zelfmanagement bij de zorggroep/management, als er inzicht is in de kostprijs, en als er aanspraak gemaakt kan worden op gelden uit de geïntegreerde eerstelijnszorg (GEZ) of zorginnovatie. In de PRISMA train-de-trainercursus wordt aandacht besteed aan implementatie in de eigen praktijk.

 

Ervaringen PRISMA-trainers

Ik pas PRISMA ook toe in de individuele consulten. Ik stel meer vragen en ga er niet meer vanuit dat mensen de nodige kennis al hebben. Ook kan ik beter helpen om voorgenomen acties concreet en haalbaar te maken.

 

Ik merk dat ik collega’s op een ander manier heb leren kennen. We werken daardoor leuker en beter samen.

 

Het geeft me veel meer werkplezier en voldoening dan alleen maar het draaien van individuele spreekuren!

 

Wat me opviel, is het gebrek aan kennis en de misvattingen die er zijn. Dat was een eyeopener.

 

Wat me ook opviel, is dat de deelnemers wel heel graag willen. Er is veel meer motivatie om de gezondheid te verbeteren dan ik dacht!

 

Literatuur

  1. Davies M, Heller S, Skinner T et al. Effectiveness of the diabetes education and self management for ongoing and newly diagnosed (DESMOND) programme for people with newly diagnosed type 2 diabetes: cluster randomised controlled trial. Br Med J 2008;36:491-5.
  2. Gillet M, Dallosso H, Dixon S et al. Delivering the diabetes education and self management for ongoing and newly diagnosed (DESMOND) programme for people with newly diagnosed type 2 diabetes: cost effectiveness analysis. BMJ 2010;341:c4093.
  3. Leibrandt A, Kiefte-de Jong J, Hogenelst M et al. Effects of the PRo-active Interdisciplinary Self-MAnagement (PRISMA, Dutch DESMOND) program on dietary intake in type 2 diabetes outpatients: a pilot study. Clin Nutr 2010;29(2):199-205.
  4. Heideman W, Wit de M, Middelkoop B et al. Diabetes risk reduction in overweight first degree relatives of type 2 diabetes patients: effects of a low-intensive lifestyle education program (DiAlert) a randomized controlled trial. Patient Educ Couns 2015;98(4):476-83.