Log in
Voor het ontwikkelen van een professionele identiteit is werkplekleren een belangrijk instrument. De reële beroepscontext is voor studenten tenslotte dé plaats om vakkennis en vakvaardigheden te (be)oefenen. Aan de HAN is dit getest in de driehoek onderwijs-beroepspraktijk-onderzoek.
Femke de Graaf Spikmans Msc, ir. Karen Kotten-Lips

Van wens…

Al langere tijd was het de wens van de docenten Voeding en Diëtetiek om een samenwerking aan te gaan waarbij studenten minimaal een jaar verbonden zijn aan een beroepspraktijk. Wat ze op de opleiding leren, nemen ze dan mee naar de praktijk en vice versa. Zoals hoogleraar onderwijskunde Filip Dochy stelt in zijn HILL-concept (High Impact Learning that Lasts): ‘Om echt te willen leren, zijn context en urgentie nodig.’

Door de koppeling met de praktijk ontstaan deze twee factoren in optima forma. Voor studenten is het prettig om een langere tijd in de praktijk te werken én te leren. Zo kunnen ze alle opdrachten uit het onderwijs koppelen aan de praktijk waarmee ze verbonden zijn. Door voortdurende feedback en feedforward ontstaat een optimaal leerproces. En voor de praktijk is het prettig dat men niet steeds hoeft te zoeken naar nieuwe studenten voor opdrachten, en een duurzamere werkrelatie met elkaar kan aangaan. Op deze manier kunnen