Lees verder
In februari startte Rosanne Schimmel haar afstudeerstage bij ZINN (Zorginstelling in Noord-Nederland). Rosanne zit op dit moment in het vierde en tevens laatste jaar van de studie Voeding en Diëtetiek in Groningen. Ze omschrijft haar stage in coronatijd als een leerzame periode, waarin ze zichzelf geconfronteerd heeft met dingen buiten haar comfortzone. Rosanne vertelt ons, met aanvullingen van haar docentbegeleidster, graag meer over haar ervaringen van de afgelopen periode.
Rianne Martens

Kun je wat meer vertellen over je stagebedrijf?

‘’ZINN heeft meerdere woon-zorglocaties voor ouderen in Groningen, Haren en Hoogezand. Daarnaast biedt ZINN ook andere diensten voor thuis, zoals thuiszorg, huishoudelijke hulp en begeleiding van verschillende zorgprofessionals. Zelf ben ik aan het werk geweest op drie locaties in Groningen en Haren. Op de locaties waar ik stageliep, was ik hoofdzakelijk betrokken bij de revalidatie afdeling’’, vertelt Rosanne.

Wat er met name anders is aan haar stage door COVID-19, is dat er veel meer maatregelen getroffen worden dan normaalgesproken. ‘’Er zijn handhygiëne maatregelen bij zowel binnenkomst als vertrek. We mogen geen handen meer schudden en moeten natuurlijk 1,5 meter afstand houden. We werken op één locatie en het liefste ook op één afdeling. Dit was best lastig. Ook werden consulten telefonisch uitgevoerd. Daarnaast werd van ons gevraagd om bij maximaal één werkgever in dienst te zijn, dus ook geen bijbaantjes. Verder geen groepen van meer dan drie mensen op dezelfde werkplek en werknemers mochten alleen reizen binnen Groningen, Friesland, Drenthe en Overijssel. Dit is inmiddels weer opgeheven. Tot slot mochten cliënten geen bezoek ontvangen. Dat mag op dit moment wel weer, onder toezicht en met voorzorgsmaatregelen. Er zijn meer maatregelen, maar dit zijn de belangrijkste waar ik in mijn stage mee te maken krijg’’.

Hoe vond je het om op deze manier stage te lopen?

‘’Het was in het begin erg wennen en ik was wel bang dat ik uiteindelijk de stage niet zou kunnen afmaken. De grote vraag was of ik door mocht gaan, wanneer het virus zich onder de bewoners zou gaan verspreiden. Gelukkig is er op één enkel geval na, op geen van de locaties COVID-19 onder de bewoners en revalidanten geconstateerd’’. Volgens Rosanne was het lastig om in de praktijk afstand te houden. Bijvoorbeeld bij slechthorende cliënten. Ondanks dat ze in deze situatie gewoon door moest werken, gaf het haar wel extra voldoening. ‘’Ik hoefde niet thuis te zitten en het gaf een gevoel van waardering en verbondenheid om mensen te blijven helpen, ondanks de omstandigheden’’.

Wat waren je werkzaamheden tijdens de stage?

‘’Ik heb met name revalidanten begeleid, maar in mindere mate ook cliënten van de somatiek afdeling en de PG (psychogeriatrie). De laatste groep sprak ik niet persoonlijk. Ik ging dan met name in gesprek met de verzorgenden en de woonassistent die de maaltijden verzorgt. Daarnaast heb ik op twee infomarkten gestaan voor nieuwe bewoners. Tot slot vormde de coronacrisis een aanleiding om intern meer aandacht te vragen voor voeding. Ik heb vijf weken lang elke week een stukje geschreven voor medewerkers over actuele onderwerpen die met voeding, gezondheid en ziekte te maken hebben. Gezonde voeding stond centraal, maar ook wat voeding kan betekenen als je ziek wordt of besmet raakt met het coronavirus. Andere onderwerpen waren gezond boodschappen doen, voeding bij weerstand en krachtig herstellen na ziekte’’.

Hoe zag je werkplek eruit de afgelopen periode?

‘’Ik heb twee werkplekken, omdat ik in de tweede helft van de stage op twee locaties ben gaan werken in plaats van drie. Op de ene locatie moesten mijn begeleider en ik naar een andere werkplek, omdat het anders te vol zou worden. Dit gaf wel meer rust, omdat het een kleine ruimte is met hooguit één andere collega. Op de andere locatie zitten mijn begeleider en ik in de stilteruimte’’.

Zag je stage er nu heel anders uit dan hoe het normaal zou zijn?

‘’Ik denk dat het voor mij wel mee viel, in vergelijking met mijn studiegenoten. De werkzaamheden als diëtist konden gewoon doorgaan, zolang ik me aan de regels hield. Ik heb ook geen vervangende opdrachten hoeven doen. Er was wel één wijziging. De voorlichting die ik zou geven, mocht ik niet uitvoeren in de praktijk’’. Marianne van Dijk, de docentbegeleider vanuit school, vult aan dat de stage voor Rosanne inderdaad niet heel anders is verlopen. Ze kon ‘gewoon’ doorgaan, doordat de instelling niet gesloten werd. Dit was goed nieuws voor haar, want twee andere studenten onder begeleiding van haar docentbegeleider hebben hun stage voor ruim twee maanden moeten onderbreken. Marianne vertelt: ‘’Voor Rosanne kon het gewoon doorgaan. Ze had het geluk dat er in de beginperiode, toen Corona nog niet rondging in Nederland, een infomarkt werd georganiseerd waar ze een bijdrage aan heeft kunnen leveren. Verder heeft ze geluk gehad dat er in de huizen waar zij stageliep, weinig tot geen besmettingen hebben plaatsgevonden. En natuurlijk dat stagiaires welkom bleven’’. Met alle stagiaires, waaronder Rosanne, had Marianne van Dijk regelmatig een sessie via BBC. ‘’Op deze manier konden we elkaar steunen en ideeën voor eventuele alternatieve mogelijkheden bespreken. Denk hierbij aan het geven van een online voorlichting’’, vertelt Marianne.

 Wat zijn de meest positieve ervaringen uit je stage?

‘’Er was een cliënt met sterk verhoogde triglyceriden, overgewicht en lichte cognitieve achteruitgang. Hij vond het vooral in het begin moeilijk om zich aan het advies te houden en hield van veel en vooral lekker eten. Door samenwerking met zijn begeleider en uitproberen wat voor hem werkt, ben ik tot een volwaardig advies gekomen wat hij naar eigen zeggen ‘voor altijd’ vol kan houden. Zijn triglyceriden waren bij de eerstvolgende meting met 2,3 mmol/l gezakt en hij was een paar kilo afgevallen, terwijl hij nog steeds het gevoel had lekker te kunnen eten. Toen ik hem hierover complimenteerde, zei hij dat het hem zonder mijn persoonlijke adviezen niet gelukt was. Ik vond dit heel bemoedigend en fijn om te horen’’.

Heb je het gevoel dat je voldoende hebt kunnen leren? En wat heb je allemaal geleerd?

‘’Er waren weinig restricties in de werkzaamheden, dus er was niet minder gelegenheid om te leren. Passende adviezen geven had ik al snel onder de knie. Ik heb met name veel geleerd op het gebied van gesprekken voeren, werktempo, prioriteiten stellen, samenwerken en plannen’’. Rosanne gaf structuur aan haar week door te kijken wat prioriteit had. ‘’We hebben een digitale agenda, dus daar kon ik alle cliënten en afspraken in bijhouden. Ik heb ook vaak besproken met mijn begeleiders hoe ik een week zou gaan aanpakken. Daardoor kon ik steeds beter zelf een keuze maken’’.